Gastcolumn: De ultieme Dog and Pony show

Gastcolumn van schrijver en filmmaker Beri Shalmashi. Momenteel werkt ze aan een roman over Caïro en is ze bezig met een verfilming van het boek ‘Het huis van de Moskee’.

Het was lente, in Arabië. Een seizoen van vele volken. Volken in opstand. Als een vuur dat gaat lopen.  Maar de zomer, is niet van de massa. De zomer is van de schurken. Een glimlachende Scandinaviër die, gek of niet, bloed aan zijn handen heeft. Evenals Assad, die de vastenmaand inluidt met kommer en kwel. Terwijl het Westen zweet van het voorhoofd veegt wegens kelderende valuta, kijkt het Midden Oosten naar een gevallen dictator. Een man die zo hard is neergekomen, dat hij nooit meer op wil staan. Een man wiens boze frons in zijn gezicht gegroefd lijkt door de botox. Het was lente, in Arabië. Maar voor Mubarak is dit zijn herfst.

Ik heb veel vrienden in Egypte. Jonge mensen die dit jaar alles lieten vallen om op Tahrir te staan. Ieder met een eigen motivatie, laten we eerlijk zijn. Maar, zij leefden daar een revolutie. Ze stonden ergens voor, toen de menigte bang was voor de aanvallen op het plein. Ze stonden ergens achter, toen het leger hen beschermde. Ze stonden ergens naast, toen de oude man, die met een Hoesseineske kracht alles kapot wilde maken in elkaar zakte. Toen maakten zij hun foto’s, naast de tanks van het leger dat Mubarak de rug toe keerde. Toen hij viel, toen hij klapte. Zoals standbeelden van dictatoren neer worden gehaald. Zoals oude koningen worden vergeten na hun dood. Het leven ging door. Het gekke leven in Cairo ging door. Maar, waar eerst de strenge hand van een koppig leider regeerde, was het land nu van niemand meer. Zeker niet van het volk.

Beetje bij beetje pakten de meesten weer het leven op. Hier en daar werd nog gesproken over de revolutie, alsof die over was. Alsof de kentering het einde was en meteen een nieuw begin. Maar, telkens als ik sprak met mijn vrienden, zag ik die doffe blik in hun ogen waar kortgeleden nog een vuur brandde. En in de straten van hun stad, zag ik diezelfde leegte. Er was geen nieuw begin. Er is geen nieuw begin. Er is alleen de loomheid van een zomer na een revolutie, een onvoltooide revolutie. Een bevroren revolutie, die zelfs in de hitte niet wil smelten.

Er hangt een rare stilte in de lucht. De toekomst is bedekt met de smog boven de stad. De mensen zijn verzwakt van het vasten, vermoed ik haast. Dus lijkt het een oneerlijk besluit om juist nu de nationale schurkencollectie naar de politieacademie te lokken. Inshallah, betekent deze stilte slechts dat het volk een vredig soort geduld kan bewaren om in volle alertheid te gaan stemmen en de verandering op te eisen dat ze verdient. Mijn Egyptische vrienden keken allemaal. Op kantoor met collega’s, als bij een voetbalwedstrijd aan de buis gekluisterd. Of thuis, met de hele familie, die in de avond toch al samen zou komen voor het maal na zonsondergang.

Op Facebook lees ik commentaar, maar weinig. De een die zegt dat ze erin trapt, dat Mubarak zielig in een bedje ligt. De ander noemt het de ultieme Dog and pony show. Alsof wat uren vernedering op televisie boetedoening is voor bijna dertig jaar onwaardigheid. Alsof iedereen die zich de longen uit het lijf schreeuwde, en zong, op Tahrir nog altijd buiten adem is. Alsof alle energie verdwenen is. Alsof de hoop is uitgedoofd. Ik weet niet wat voor tactiek dit is, of wiens tactiek dit is, maar het maakt me bang, die stilte. De verkiezingen, gepland voor november, kruipen dichterbij. Er zijn weer rellen op Tahrir. Maar daar waar bij aanvang van het proces tienduizenden werden verwacht, sijpelden een kleine vijfduizend belanghebbenden binnen. Vijfduizend bezoekers, dat is net zoveel als het vijfendertigste Marc Overmars Paastoernooi in Epe trok dit jaar.

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Brenda\\\\\\\'s Anti-spam *