Syrië: ‘Straks verhongeren we hier in Aleppo’

Publicatie: De Tijd

FullSizeRender (5)Ruim 50.000 Syriërs zijn deze week op de vlucht geslagen voor zware gevechten in en rond Aleppo. De achterblijvers in het bestookte rebellengebied zitten vast in de stad en vrezen uitgehongerd te worden.

Het eerste dat Kareem (30) deed toen hij wakker werd, was het keihard op een lopen zetten. De Russische bommen hadden hem vroeg in de ochtend gewekt en een huis vlakbij geraakt. Na de geluiden van bominslagen volgden die van schreeuwende mensen en toesnellende ambulances. Vliegensvlug pakte Kareem zijn pasgeboren dochtertje uit bed en rende naar buiten. Zijn vrouw, herstellend van een zware bevalling amper een week geleden, strompelde naar de kelder en bleef daar net zolang totdat de bombardementen stopten.

Voor Kareem was het een ty- pische doordeweekse dag in Aleppo. Zijn hele familie woont in het oosten van de Syrische stad die onder controle van de rebellen staat. ‘Bommen, verwoesting, doden en gewonden: voor ons is het normaal geworden’, zegt hij tijdens een van de spaarzame momenten dat hij over een internetverbinding beschikt en met ons kan praten.

Regeringstroepen, ondersteund door sjiitische milities, Hezbollah en Iraanse troepen, hebben de stad bijna compleet omsingeld en de belangrijkste wegen afgesloten. Ze worden daarbij geholpen door Russische luchtaanvallen.

Hulporganisaties schatten dat ruim 320.000 Syriërs zich nog steeds in rebellengebied bevinden. Inwoners lijden op vele manieren. Ze hebben honger en er is een ernstig tekort aan water, brandstof en elektriciteit. Sommige prijzen voor levensmiddelen zijn verviervoudigd. ‘Wat als er straks helemaal niks meer te verkrijgen is? Dan verhongeren we’, zegt Kareem.

Sommige buurten zijn compleet vernield. Weggaan is even riskant geworden als blijven. ‘Ook wij willen weg, maar dat kan niet. Het is gevaarlijk en ik heb bovendien geen centen.’ Kareem vreest voor een langdurige belegering voordat Aleppo uiteindelijk in handen van de regering valt.

De 22-jarige Jawad, een burgerjournalist en activist, woont ook in rebellengebied. Hij beschrijft een situatie van dood en verderf sinds de Russen vier maanden geleden begonnen zijn met bombarderen. Hij zag hoe een moeder haar vier kinderen verloor toen een bom de bus raakte waar ze in zaten. De oudste was twaalf en de jongste drie.

‘Syriërs raken soms in één klap hun hele familie kwijt door een bombardement. De meeste slachtoffers zijn burgers. Assad wil zo niet alleen de oppositie uitschakelen, maar ook de soennieten uit dit gebied verdrijven.’

Aleppo was ooit een levendige handelsstad, maar door de voortdurende oorlog zijn er amper nog economische activiteiten. Het leven op straat ligt nagenoeg stil in het rebellengebied. Velen zijn bang om hun huis uit te gaan, zegt Jawad, hoewel je nog veel kinderen op straat ziet. ‘Een groot deel van hen bedelt. Hun families zijn straatarm. Scholen zijn stilgelegd. Die worden ook vaak gebombardeerd, net als ziekenhuizen. Het is verschrikkelijk’, zegt hij, net voordat de internetverbinding verbroken wordt.

Ruim 50.000 burgers uit Aleppo en omstreken wisten de afgelopen week te vluchten. De meesten trokken naar de Turkse grens, hopend op een veilig onderkomen. Maar ondanks smeekbedes van de Verenigde Naties en de Europese Unie houdt Turkije zijn grenzen dicht. De meeste vluchtelingen leven buiten de kampen, waar al tienduizenden mensen verblijven.

Artsen zonder Grenzen waarschuwt dat de hulporganisaties de enorme noden niet meer aankunnen. ‘Voor veel mensen, onder wie kinderen en ouderen, dreigt het gevaar dat ze dagenlang buiten in de vrieskou zitten. We verwachten dat de medische noden, zoals behandeling tegen longontsteking, enorm worden’, zegt landencoördinator Muskilda Zancada.

In de rebellendelen van Aleppo en aan de Turks-Syrische grens is de situatie alarmerend, maar in de delen van Aleppo die onder controle staan van het Syrische regime heerst een heel andere sfeer. Bewoners gaan naar de markt, kopen brood, vers fruit en andere goederen. Ze gaan naar hun werk, naar school of naar de universiteit. Ze doen wat ze altijd doen, op een steenworp van de frontlinie. Het is bijna onwerkelijk.

De Koerdisch-Syrische Laila zegt dat het prima met haar gaat, ondanks alles. Op haar Facebook-pagina prijkt een recente foto van de masterstudente, die zonder hoofddoek en met een zonnebril door een ongeschonden deel van Aleppo loopt. Slechts sporadisch deelt ze informatie over de oorlog, en als ze dat doet, is het meestal in het voordeel van het Syrisch leger, of gaat het over het vervelende gebrek aan elektriciteit en internet. Na een paar minuten onderbreekt ze onze Facebook-chat. ‘Kunnen we dit een andere keer doen? Ik kom net terug van de les en wil even relaxen’, zegt ze, gevolgd door een smiley.

HISTORISCHE BINNENSTAD VERWOEST

Aleppo ligt in het noordwesten van Syrië, op een uurtje rijden van de Turkse grens. Met 2.738.000 inwoners was het de grootste stad van Syrië in 2011. Het is ook een van de oudste steden ter wereld. De meeste inwoners zijn Arabieren, maar er wonen ook Koerden en Armeniërs. Aleppo was bekend om zijn bruisende soek (foto), de citadel (die al in de bronstijd gebruikt werd als fort), de Grote Moskee uit de achtste eeuw en het nationaal museum. Voor de oorlog was het de commerciële hoofdstad van het land, omdat er veel ondernemingen gevestigd waren. Aleppo kwam in juli 2012 hevig onder vuur te liggen door het Syrische leger nadat rebellen delen van de stad hadden overgenomen. De historische binnenstad werd verwoest en duizenden inwoners ontvluchtten de stad. Sinds het door Russische bombardementen ondersteunde offensief is een nieuwe vluchtelingenstroom op gang gekomen. Het Syrische leger, ondersteund door Iraanse troepen, Hezbollah en sjiitische milities, heeft de stad bijna omsingeld (zie kaart) en de belangrijkste aanvoerroute van de rebellen afgesneden. Op dit moment wordt de situatie in Aleppo beschreven als de hel op aarde.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Brenda\\\\\\\'s Anti-spam *