Verdwenen Syriërs

Publicatie: De Tijd 

De Syrische burgeroorlog maakte al minstens 110.000 doden en joeg 7 miljoen Syriërs op de vlucht. Ondertussen verdwenen tienduizenden anderen van de radar. Ze werden opgepakt en opgesloten in geheime gevangenissen. Wie vrijkomt, getuigt over gruwelijke martelpraktijken.

De Syriër Jad Bantha (32) woonde al een tijdje in het buitenland, maar keerde terug naar Damascus om met zijn vrienden deel te nemen aan de protesten tegen het regime van president Bashar al- Assad. Midden 2011 stond plots de Syrische geheime dienst voor zijn deur. Bantha belandde in de gevangenis.

‘De eerste week werd ik ondervraagd, maar daarna begon het martelen. Acht dagen lang hingen ze me aan mijn handen aan het plafond en sloegen ze me’, vertelt hij tijdens een Skype-interview vanuit Damascus. De activist werd twee maanden op verschillende manieren gemarteld. Soms, als hij om water vroeg, namen de gevangenisbewakers hem mee om te ‘surfen’. Op een plank in het water kreeg hij elektrische schokken. ‘Ze probeerden me te breken, informatie los te krijgen die ik niet had. Ik dacht dat ik zou sterven.’

Zo willekeurig als Bantha werd opgepakt, werd hij ook weer vrijgelaten. Helaas herhaalde de geschiedenis zich in november. Langs de snelweg naar Homs, waar gevechten plaatsvonden, werd hij opnieuw gevangengenomen. Hij werd twee weken vastgehouden op een militaire basis, tot het Vrije Syrische Leger de basis innam en hij kon ontsnappen. ‘Nu hebben ze mijn ouders opgepakt, omdat ze willen dat ik mezelf aangeef. Ik weet niet wat ik moet doen’, zegt Bantha, die op dit moment voor een mensenrechtenorganisatie werkt.

Bantha staat niet alleen met zijn verhaal. Volgens het internationale comité van het Rode Kruis en de Verenigde Naties zijn sinds 2011 tienduizenden Syriërs – vooral activisten, hulpverleners en dokters – opgepakt door regeringstroepen en extreme groeperingen. Een klein deel ontsnapt of wordt vrijgelaten, maar van de meesten ontbreekt elk spoor. ‘De autoriteiten geven geen enkele informatie en staan niet toe dat we de gevangenen bezoeken’, zegt Simon Shorno van het Rode Kruis in Damascus. ‘Maar alle Syriërs die ontsnapten of werden vrijgelaten, getuigen over marteling. Allemaal.’

Sigaret roken

Het Rode Kruis documenteert het aantal vermisten en hun situatie. Er zijn sterke aanwijzingen dat de meesten in en rond de hoofdstad gevangen zijn genomen door de regering. Maar ook extremistische rebellen maken zich er schuldig aan, vooral in het noorden van Syrië. Groepen als Islamitische Staat van Irak en de Levant (ISIS) martelen en executeren mensen in eigen gevangenissen, weet Amnesty International.

ISIS handhaaft volgens de mensenrechtenorganisatie een extreme interpretatie van de islamitische wet (sharia) in gebieden waar ze de baas is. Een sigaret roken kan volstaan om gevangen genomen te worden. ‘Na jarenlange wreedheden van het Assad-regime lijdt de bevolking nu onder de tirannie van ISIS’, zegt Philip Luther van Amnesty. Assad-aanhangers en buitenlandse journalisten zijn extra kwetsbaar, maar ook kinderen worden niet gespaard. Twee ex-gevangenen uit Raqqa zagen hoe een 14-jarige negentig zweepslagen kreeg in een geheime gevangenis van ISIS. De jongen werd opgepakt wegens het stelen van een motorfiets.

Syriërs verspreiden foto’s van hun vermisten op het internet, in de hoop dat iemand informatie heeft over hun situatie. De mensenrechtenactiviste Noura al Jizawi verdween in maart 2012 op weg naar een transitdepot. Zij werd maanden vastgehouden op een onbekende locatie in Damascus, maar later vrijgelaten. Van de Syrische mensenrechtenadvocate Razan Zeitouneh en haar collega’s is niets bekend. Zij werden begin december door de regering of extremistische rebellen ontvoerd. Razan documenteerde mensenrechtenschendingen door zowel het regime als de rebellen.

‘Mannen, vrouwen en zelfs kinderen. Ik ben gestopt met tellen’, zegt Rifaie Tammas uit Qasair, een stad in het westen van Syrië. De student woonde er toen het regime de stad vorige zomer terugwon van de rebellen. Bij de massa-arrestaties pakte het regime Tammas’ broer Hadi (20) samen met zijn studiegenoten op, omdat enkelen hadden deelgenomen aan een protest. ‘Ze hielden zijn hoofd in een bak met water tot hij bijna stikte, bonden zijn handen en voeten vast en probeerden zijn ledematen te ontwrichten. Maar het lijden van andere gedetineerden vond hij nog erger. Ze schreeuwden, smeekten om hun leven.’ Hadi overleed enkele weken na zijn vrijlating tijdens gevechten.

In coma

Ali (25) werd in augustus gevangengenomen in Aleppo. Hij vertelt hoe hij naar een kamer werd gebracht die naar diesel en zweet rook. ‘Ze gaven me elektrische schokken, soms 40 minuten lang. Eén keer kreeg ik een schok in mijn nek en kon ik een dag lang niets meer zien.’ Na een maand werd Ali met ernstige verwondingen, waaronder een gebroken arm, vrijgelaten.

‘Als je wordt gearresteerd, is de kans groot dat je nooit meer vrijkomt. Dat was voor de oorlog al zo, maar sinds de revolutie is het nog veel erger’, zegt Afraa Salem (24), die naar Jordanië vluchtte toen de mukhabarat, de Syrische geheime dienst, vragen over haar begon te stellen.

Salem zag in de loop der jaren heel wat van haar vrienden verdwijnen, vooral activisten. Toen ze in een vluchtelingenkamp in Damascus werkte, verdween een van haar collega’s. Hij werd het laatst gezien bij een militair checkpoint in september 2012. En dan was er ook de 13-jarige jongen die illegaal sigaretten verkocht in de straten van Damascus om wat geld te verdienen. Salem zag hem elke dag. ‘Tot politieagenten hem arresteerden, mishandelden en hij in coma raakte.’

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Brenda\\\\\\\'s Anti-spam *