Gifgasaanval: alles wijst in de richting van Assad

Publicatie: NRC

De Syrische president bestookt vooral burgerdoelen. Er is geen reden om hem nog als bestrijder van terrorisme te zien, menen Brende Stoter en Rena Netjes.

Op 4 april werd het Syrische stadje Khan Shaykhun getroffen door een gifgasaanval. 91 doden, onder wie 33 kinderen. President Trump reageerde met een raket op luchtmachtbasis Al-Shayrat. Ondertussen woedde er in de media een discussie over wie het gifgas op zijn geweten heeft. „Gevaarlijk om aan te nemen dat Assad erachter zit”, zei VVD-politica Hala Naoum Néhmé in Buitenhof. „Iedereen kan erachter zitten.” Ze pleitte voor VN-onderzoek, maar Rusland vetoot dat.

Specialist Rob de Wijk vroeg zich in Dit is de Dag af welk belang Assad heeft. „Ik kan er de rationale niet van bedenken.” Journalist Wierd Duk twitterde dat Assad hier „geen baat” bij heeft. Op 13 april kwam Assad zelf met een reactie. Verzonnen door het Westen, zei hij tegen AFP. Als excuus om Syrië aan te vallen. Over de dode kinderen, zei hij: „We weten niet of ze in Khan Shaykhun zijn gestorven.”

Daags na de aanval brachten Rusland en Syrië verschillende, soms conflicterende versies naar buiten. Een daarvan was dat er om 11.30 uur een chemisch wapendepot van Al-Qaeda-filiaal Jabhat al-Nusra is gebombardeerd. Poetin liet de optie dat Assad erachter zit buiten beschouwing. VS, VK en Frankrijk wezen wél naar Assad. De VS zou belastende communicatie hebben onderschept.

De provincie Idlib is, op twee alewitische enclaves na, in handen van rebellengroepen, zoals Nusra en het Vrije Syrische Leger. De altijd voorzichtige VN-Syriëgezant Staffan de Mistura meldde dat de gifgasaanval vanuit de lucht kwam. Daarmee sluit hij de rebellen uit. De kans dat die in hetzelfde gebied beschikken over chemische wapens is bijzonder klein.

Onderzoekers troffen sporen saringas aan. Er is een enorme hoeveelheid nodig voor zoveel slachtoffers. De productie vereist lastig verkrijgbare materialen en industriële capaciteit – vrijwel ondenkbaar dat rebellen daarover beschikken. Alleen IS heeft chemische wapens, maar dat betreft mosterd- en chloorgas, niet sarin. Zelfs al zou Nusra beschikken over een depot chemische wapens, dan is het onmogelijk dat dit gas vrijkwam door een bombardement, twitterde expert Dan Kaszeta. „Alsof je eieren, boter, kaas en champignons uit het raam gooit en dan een omelet op de stoep krijgt.”

De versie van Syrië en inmiddels ook Rusland staat haaks op feiten. Zo beweert de Syrische minister Al-Moallem dat zijn regering een depot van Nusra om 11.30 uur had gebombardeerd. Maar de beelden verschenen uren eerder. Volgens Munzur Khaleel, hoofd Gezondheidsdirectoraat in Idlib, was het om 06.30 uur. Assad heeft er nooit een geheim van gemaakt dat hij heel Syrië wil heroveren. Met hulp van Rusland, Hezbollah en Iran was hij op de goede weg. Eind vorig jaar kreeg hij Oost-Aleppo terug. Een klap voor de rebellen, die nu vanuit Idlib het regime blijven aanvallen.

Gifgas heeft een demoraliserend effect. Het kan de bevolking ertoe bewegen zich niet meer tegen Assad, maar tegen de rebellen te keren. Dat motief maakt de president verdacht in de gifgaszaak, vooral omdat hij de middelen ervoor heeft en zich eerder aan deze wapens bezondigde. Toch blijven velen, ook Nederlandse politici en opiniemakers, Assad als ‘de minst slechte optie’ zien, omdat hij ‘tegen terroristen vecht’. Maar hij bestrijdt IS nauwelijks en bestookt vooral burgerdoelen. Hij is verantwoordelijk voor veruit de meeste burgerdoden en vluchtelingen. Meer en meer landen, zoals Jordanië en Turkije, lijken zich te verzoenen met het idee dat Assad aanblijft. De Turkse premier Yildirim zei onlangs dat hij liever Assad in de Noord-Syrische stad Manbij ziet dan Koerdische YPG-milities. Grootste ommezwaai kwam van de VS: daags voor de gifgasaanval zei minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson dat het Syrische volk zelf over Assads lot moet beslissen. Ook VN-ambassadeur Nikki Haley gaf aan dat Assads aftreden geen prioriteit heeft.

Kortom, Assad waande zich nogal veilig. Al sinds het begin van de oorlog tast hij af hoever hij kan gaan. Volgens het Syrian Network For Human Rights vonden er tussen december 2012 en september 2016 139 chemische aanvallen plaats. 97 procent trof rebellengebied, 3 procent IS-gebied. Dat betekent dat hij zelfs na het gifgas in Oost-Ghouta (2013), toen hij zijn chemiearsenaal moest opgeven, dit soort wapens bleef gebruiken.

Natuurlijk, eerst is grondig onderzoek nodig. Daartoe dienden tien landen een VN-resolutie in. Uitgerekend Rusland vetode dit. Het moge duidelijk zijn dat we veel al wel wisten, en dat er bewust of onbewust verwarring wordt gecreëerd. Alle feiten wijzen naar Assad.

Brenda Stoter is cultuurwetenschapper, journalist in het Midden-Oosten

Rena Netjes is arabist en journalist.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Brenda\\\\\\\'s Anti-spam *